Het staat 5 na 12 op de Rolex

May 5, 2019

 Wilt u achteruit naar voren gaan? Toen de voetbalbond afgelopen week zijn dagvaardingen publiek maakte, moest ik onwillekeurig

denken aan die titel van een boek van de Poolse filosoof Leszek Kolakowski. Gaat het Belgische voetbal achteruit naar voren? Of is het eerder vooruit naar achteren?

 

Terwijl we ons in volle play-offs alweer ergerden aan de VAR, is Operatie Schone Handen in een stroomversnelling gekomen. Er zijn welomschreven klachten, er zijn beklaagden en niet iedereen ontkent de feiten. Als klap op de vuurpijl – pun intended – zijn er huiszoekingen geweest in een andere zaak met makelaars, met vermoeden van criminele organisatie en witwaspraktijken. Tot slot is er die wedstrijd tussen Eupen en Moeskroen waarvoor geen juridisch bewijs van omkoping bestaat, maar die doet denken aan de scène van Monty Python over een voetbalwedstrijd tussen Duitse en Griekse filosofen. Alle spelers kijken vertwijfeld rond, terwijl Socrates met de bal aan de haal gaat en scoort. Als apotheose staat morgen een bekerfinale gepland, maar KV Mechelen mag bij winst misschien niet Europees spelen en torst de last van een mogelijke herroeping van de gevierde promotie. Neen, een normaal seizoen uit de vaderlandse competitie zal het niet meer worden.

 

Normaal volgt hierop de retorische vraag ‘is het Belgische voetbal ziek?’. Dit soort slogans is populair op Twitter en in cafés, maar we doen er goed aan feiten van toogfilosofie te onderscheiden. Een aantal clubs is kerngezond, maar sommige zijn inderdaad ziek en flirten met schimmige figuren. Hoewel ze waarschijnlijk Karl Marx niet hebben gelezen, zijn ze schoolvoorbeelden van wat Marx aanduidde als een doel-middel-verdraaiing: voetbal is voor hen een middel om winst te maken. Dat leidt haast vanzelf tot een maffiose ethiek. Hoe minder spelregels, hoe groter de winst. Dan wordt mensen in de zeik zetten je tweede natuur. Zoals matchfixing. Terwijl rechtgeaarde sportbestuurders zich dag en nacht inzetten om het succes van hun club mogelijk te maken, denken anderen alleen aan ping en bling, zodat ze straks hun zoveelste villa op de Kaaimaneilanden van een nog groter zwembad kunnen voorzien.

 

Goed bestuur begint logischerwijze bij goede bestuurders, zowel op club-niveau als bij federaties. Een aantal clubs is al een tijdje op goeie weg en houdt zich ver van de grijze zones. Maar er is meer nodig. Willen de andere van hun kwaal genezen – en dit is een belangrijke vraag – dan zal de behandeling zeer doeltreffend moeten zijn. Enkele chirurgische ingrepen zijn onvermijdelijk. Te beginnen met volledige financiële transparantie en een open boekhouding. Waar geld is, zitten haaien en die bijten terwijl ze graaien. Dus hou ze buiten, de sjacheraars, de malafide ritselaars en de schimmige trollen. Aan het eind van de rit verlies je toch. Eerst je ziel, dan je eer en ten slotte je geld. En geef toe, wat heb je aan een dure Rolex als de klok al op 5 na 12 staat?


Clubs moeten zichzelf een gedragscode opleggen waarin ze beloven meer te doen dan wat juridisch niet aanvechtbaar is. Ze moeten zich engageren, het voorbeeld stellen aan de jeugd die ze opleiden. Dus: kom naar buiten en vertel aan je spelers en je medewerkers voor welke waarden je staat en hoe je die hoog in het vaandel wil houden. Laat anderen mee toekijken op de naleving ervan. Dat helpt om wakker te blijven en maakt het moeilijker je eigenhandig uitgesproken engagementen niet na te komen. Zo werkt democratie: we weten dat we feilbaar zijn en daarom controleren we elkaar.


De keuze is al bij al eenvoudig. Ofwel wordt de helft van onze clubs een tijdelijk beleggingsfonds voor ‘investeerders’ die de kantjes er altijd van af zullen lopen. Ofwel tillen we deze breed gedragen volkssport op tot het niveau dat ze verdient. Weinig maatschappelijke praktijken zijn in staat zoveel mensen op de been te brengen, jongeren van straat te houden of sociaal contact te bevorderen.


Eén ding is zeker, met een spandoekje ‘nee tegen racisme’ voor de wedstrijd kom je er niet meer. Daarvoor is de voetbalwereld te complex geworden. Ethiek in de sport werkt sowieso maar als ze in het hart van de werking is ingeschreven. Nu de voorzitter van de Pro League zijn spreekwoordelijke kap over de haag gooit, is de weg vrij voor een meer professionele en onafhankelijke invulling van die functie. Daarnaast moeten we op korte termijn uitkomen bij betere wettelijke kaders, bindende ethische codes en volledige transparantie over het doen en laten van de interne werking van alle clubs. Of we die keuzes maken en erin volharden, zal bepalen of het Belgische voetbal achteruit naar voren dan wel vooruit naar achteren gaat.

 

Terug
 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload